Posts tonen met het label Geschiedenis.. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Geschiedenis.. Alle posts tonen

24 december 2010

St - Bernardusabdij te Hemiksem.

















In de vroegere St - Bernardusabdij te Hemiksem zijn nu de gemeentediensten gehuisvest, alsook service-flats voor bejaarden.

20 november 2010

Kasteel d'Ursel.

















Het kasteel d'Ursel is gelegen te Hingene en kan u vinden op het volgende adres, Wolfgang d'Urselstraat 9, 2880 Bornem.
Meer informatie over het kasteel kan u hier vinden.

26 oktober 2010

"Den Steenen Molen" te Boechout.


















Een beetje geschiedenis: Op 16 mei 1782 krijgt Frans Dielens (advocaat) de toelating om een graan- en oliewindmolen te bouwen. Dit ondanks protest van de molenaar van de Berderenmolen (verdwenen molen aan de Oude Steenweg). In 1817 komt de molen door vererving in het bezit van J. Corluy en Elisa Palms (dochter van molenaar Palms van de Berderenmolen). De molen stelt in die periode 5 maalders en 1 olieslager te werk. In 1873 erft Fernand Corluy de molen, maar die verkoopt hem in 1895 aan Corneel de Vos (zijn neef).
In 1910 wordt de molen verkocht aan Frans Voets, die hem, samen met zijn zonen, laat malen tot 1975. In 1998 verkopen de erfgenamen Voets de molen aan de Familie Van Den Brande, de huidige eigenaars. De molen wordt nu in bedrijf gehouden door een ploeg vrijwillige molenaars. De molen is sinds oktober 1943 een beschermd monument. In 1991 werd de omgeving rond de molen beschermd als dorpsgezicht.
De molen is te vinden in Konijnenbergstraat 2 te Boechout, de molen is 24 meter hoog met een gevlucht van 25,80 meter. De dikte van de muren is beneden 1,4 meter en bovenaan nog 0,4 meter.
De molen is iedere zondag open van 13 tot 17 uur.

08 oktober 2010

Kasteel Kruikenburg te Ternat



















Zetel van de heerlijkheid Kruikenburg, aanvankelijk toebehorend aan de familie Van Wezemael, vervolgens de families ’t Serclaes, de Fourneau, en de Lichtervelde, tot de Broeders der Christelijke scholen het in 1938 aankochten.
Het waterkasteel herinnert aan de middeleeuwse verdedigingsburchten: drie vleugels nagenoeg in U-vorm opgesteld rondom een met brede ringgrachten omspoelde binnenplaats, drie ronde torens in de vleugels en een vierkante ingangstoren voorafgegaan door een bakstenen brug op rondbogen.
Aan de spitboogvormige doorgang zijn de merktekens van ophaalbrug en valhekken nog duidelijk waarneembaar. De omgeving van het kasteel en de dreef, die het waterslot met de Sint-Gertrudiskerk verbindt, zijn als landschap beschermd.

25 september 2010

Wielermonument "Lucien Buysse" te Wontergem.


Een van de meest legendarische ritten uit de geschiedenis van de Ronde van Frankrijk is de rit in 1926 van Bayonne naar Luchon. Na een rit van zowat 400 km, met beklimmingen van de Aubisque, de Tourmalet, de Aspin en de Peyresourde, in haast winterse omstandigheden, kwam de in 1893 in Wontergem geboren Lucien Buysse met bijna 25 minuten voorsprong als eerste over de meet. Slechts weinig andere renners haalden het einde van de rit. Tot diep in de nacht moest de Tourorganisatie op zoek naar vermiste deelnemers.
Met deze mythische prestatie legde Lucien Buysse de basis voor zijn eindoverwinning in de Tour van dat jaar. Na twee podiumplaatsen in de jaren voordien in dienst van kopman Bottechia, bekroonde Lucien zich daarmee tot de meest succesvolle telg uit het wielergeslacht Buysse.
Met zijn prijzengeld bouwde Lucien Buysse een woning in Wontergem (Dentergemstraat 20) waar hij tot 1952 bleef wonen. Het huis kreeg onlangs een aangepast balkon als hulde aan zijn beroemde eigenaar. Lucien Buysse overleed in 1980, na in Petegem-aan-de Leie vele jaren het nog steeds bestaande café Aubisque te hebben uitgebaat. Over zijn levensverhaal en wielercarrière verscheen in 2006 het boek “Lucien Buysse de rots” bij de uitgever De Eecloonaar.
In september 2003 kwam Wontergemnaar Sylveer Maes met het idee om hulde te brengen aan deze wielerkampioen. De uit Deinze afkomstige kunstenaar José Mestdagh (°1949) kreeg de opdracht en werd daarbij geholpen door de Gentse beeldhouwer Walter De Pauw. Beiden behoren tot de Gentse beenhouwerscollectief “Loods 13” met Walter De Buck.
Dit beeld kan u vinden voor de kerk te Wontergem en is gemaakt in steen en brons.

08 september 2010

Buggenhout - bos.








Aan de oostzijde van het dorpscentrum, op 3 km afstand, bevindt zich het Buggenhout – Bos, dat zich destijds uitstrekte tot aan de Schelde, in het noorden. Plaatsnamen als Baasrode, Westrode, St. Brixius – Rode en Nieuwenrode herinneren nog aan vroegere rooiing van het voor de oorlog van 1914 – 18 nog ruim 500 ha. bos, dat reikte tot aan Wolvertem.
De Boerenbond bouwde er een modelhoeve en maakte van grote oppervlakten vruchtbare akkers en welige weiden. Thans is het nog 149 ha. Groot, met natuurreservaat, en is sinds 1936 staatsbos.
Alhoewel de eik en de es er goed vertegenwoordigd waren was de beuk er overwegend, vandaar de plaatsnaam Buggenhout (= beukenboshout).

07 september 2010

De stenen molen van Opdorp.

















De stenen molen werd gebouwd in 1794 als een stenen graan en oliewindmolen. Reeds in 1855 werd een stoommachine geplaatst en werd de oliemolen buiten werking gesteld. Een nieuwe stoommachine volgde in 1892. De molen werd toen omschreven als graan- en lijnkoekmolen door stoom.
Rondom kwam een maalderij die thans nog in werking is. De romp van de molen wordt gebruikt als silo voor het bedrijf.

16 juli 2010

Sint-Elooi.


Sint-Elooi werd geboren te Chaptelat (Fr) rond 588. Hij werd door zijn vader in de leer gebracht aan de Koninklijke munt. Later werd hij goudsmid te Parijs en muntmeester van koning Chlotaar II.
Hij kreeg van deze koning de opdracht de koninklijke troon te maken. Met het overschot van het goud maakte hij een tweede troon, vertelt de legende. Omwille van zijn oprechtheid en eerlijkheid genoot hij het vertrouwen van de koning. Koning Chlotaar II stierf rond 623.
Sint-Elooi werd omwille van zijn hoge begaafdheid raadgever van de opvolger: koning Dagobert I. Sint-Elooi maakte van het vertrouwen dat de koning hem schonk gebruik om arme mensen te helpen en slaven vrij te kopen. Na de dood van koning Dagobert I werd Sint-Elooi op 13 mei 641, bisschop van Noyon (Fr), de Zuidelijke Nederlanden, Gent, Doornik en Kortrijk.
Er zijn nog sporen van zijn aanwezigheid in deze streken te zien zoals de Sint-Elooiskapel op de Hasseltberg te Meise, waar nog jaarlijks rond 1 december zijn feestdag gevierd wordt. Sint-Elooi stierf te Noyon rond 659. Hij werd een volksheilige in Vlaanderen omdat hij opkwam voor de zwaksten en hij werd de patroonheilige van de edelsmeden, de smeden, de metaalbewerkers (en vandaag voor al wie van ver of kortbij iets te maken met metaal), tractorbestuurders, landbouwers en ruiters.
Dit beeld is geplaatst voor de Sint-Elooiskapel op de Hasseltberg te Meise, op de foto is de kapel te zien achter het beeld.

15 juli 2010

Het Prinsenkasteel te Grimbergen.

















1095: Wouter Berthout, heer van Grimbergen. Zijn nakomelingen verwerven een territorium dat zich tot aan de Schelde, Rupel en de Dender uitstrekt. De heren van Leuven konden dat niet aanvaarden.
1159: De Grimbergse oorlog eindigt met het platbranden van de houten burcht op de motte in “Borcht”.
Ca 1500: De familie van Bergen, nakomelingen van de Berthouts, vestigen zich hier. Het kasteel en het park worden vergroot en verfraaid.
1686: Filips-Frans van Bergen wordt Prins van Grimbergen.
De Merodes zijn de laatste heren van Grimbergen.
1944: De Duitsers steken bij hun aftocht het kasteel in brand.
1947: De gemeente Grimbergen verwerft de kasteelruïne.
1959/1980: Ruïne en omgeving worden beschermd.
1992: Restauratie donjon.

14 juli 2010

De "Bonne Chiere" molen te Brugge.

















In de 19de eeuw stonden er nog 30 molens op de Brugse stadsvestingen. Op de Kruisvest stonden er niet minder dan 7. De molens verloren echter, mede door de opkomst van de stoommachine hun functie. Momenteel zijn er 4 overgebleven.
De “Bonne Chiere” molen is er één van het type “staakmolen” en rust op vier bakstenen teerlingen. Op die teerlingen liggen houten blokken waarop kruiselings boven elkaar gelegen balken rusten, de “kruisplatten”. De naam “Bonne Chiere” verwijst naar het goede leven. Denk maar aan de uitdrukking “goede sier maken”. De eerste “Bonne Chiere is echter op 21 november 1904 omver gewaaid.
De oude molenaar, Jan Clicteur was bij wonder ongedeerd. Dat mirakel werd toen prompt toegeschreven aan het kruisbeeld van de molen dat toevallig naast hem lag. In 1911 slaagde het stadsbestuur erin om eenzelfde type molen aan te kopen in Olsene, in 1911 werd die grondig gerestaureerd.
De beklimming van het molenpad kruipt wellicht in de kuiten van de minder geoefende wandelaar, maar de geleverde inspanning loont echter de moeite want vanaf de top van de molenheuvel heb je een prachtig panoramisch overzicht van de stad.

12 juli 2010

Het Santielleportje te Brugge.

















Op deze plaats op de foto was in 1912 een fort gelegen met 11 arbeidershuisjes, allemaal eigendom van Weduwe Brilleman. Een 80 tal bewoners beschikten er over drie “gemakken” (toiletten). In die tijd zeker een grote luxe.

05 juli 2010

Onder stoom.
















Deze stoommachine dateert van het jaar 1940 en kon ik bewonderen tijdens een tentoonstelling te Mariembourg in de provincie Henegouwen.

07 juni 2010

De Heggekapel.





De kapel van het Eerwaardig Heilig Sacrament of Heggekapel is het oudste gebouw binnen de gemeente Lille. Ze werd in opdracht van Jan van Vriesele, heer van Poederlee, gebouwd in 1442 om het grote mirakel dat hier plaats vond nooit te vergeten.
In januari 1412 werd uit de kerk van Wechel een kelk met vijf gewijde hosties gestolen. De dief van de kelk verdwaalde in de omgeving van de “Hegge” bij zijn terugkeer naar de herberg in Herentals waar hij verbleef. Volgens de misdadiger lag dit aan de gewijde hosties.
Hij verstopte ze in een konijnenpijp en vond even later zijn weg terug. In de herberg wachtte de schout hem echter op en bij het doorzoeken van zijn kleren vond hij de kelk. De dief bekende zijn misdaad en verklaarde vijf gewijde hosties verborgen te hebben op een ongewijde plaats. Na acht dagen werden de hosties ongeschonden teruggevonden. De dief werd terechtgesteld. Zijn rechterhand werd met een bijl afgehouwen en verbrand, waarna de ongelukkige werd opgeknoopt.
Ieder jaar op de zondag na Sacramentsdag vindt een processie naar de Heggekapel plaats. Om de 25 jaar gaat de Ommegang van de Hegge uit.

19 april 2010

Verbindingskanaal haven van Philippine.



Een stukje geschiedenis over dit kanaal kan u vinden op de volgende link